Mysterieus België

Van A tot Z: Sagen, mythen, legenden, sterke verhalen, geheimzinnige geschiedenissen, historische mysteries, feiten en fictie van Aalst tot Zwevezele, van Arlon tot Wéris! Wij organiseren voor u een stadsspel, GPS-spel, stadswandeling, detectivespel, fotozoektocht in Mysterieus België met 1 spelleider, met diverse performers, of in een doe-het-zelf pakket, in het Nederlands, Frans of Engels! Vraag hier vrijblijvend een offerte aan!

16.2.14

Reconstructie van het "ongeval" van koning Albert I in Marche-les-Dames, 80 jaar na de feiten



In het VTM-magazine Royalty herhaalt Reinout Goddyn met iets andere woorden de onzin die binnenkort al 80 jaar verkondigd wordt. Zo wil men ons nog steeds doen geloven dat de ervaren alpinist die koning Albert was de staat van de rotsen niet kende, waar hij voortdurend ging klimmen. Of dat je van een val van x aantal meter alleen een hoofdwonde overhoudt en verder niets. Of dat 20 mensen vlakbij de baan op de plek waar hij vertrokken was 4 uren lang kunnen zoeken zonder iets te vinden, en een paar mensen in het pikkedonker vlakbij ineens "alles" vinden. Het woord "reconstructie" is hier dan ook volkomen misplaatst; uit elke "reconstructie" die naam waardig, zou blijken dat koning Albert 1./ helemaal niet gaan klimmen is, want een afspraakje had en 2./ helemaal niet gevallen is.

Zie ook: http://www.standaard.be/cnt/dmf20140215_00981193
http://stadsspelen.blogspot.be/2010/11/marche-les-dames-de-moord-op-albert-i.html


In mijn boek Het Illuminati Complot heb ik een ernstige poging gedaan om tot een "reconstructie" te komen. Ik beweer niet dat ik de waarheid in pacht heb, ik beweer alleen dat wat men al 80 jaar herhaalt klinkklare nonsens is.

Het boek is nog verkrijgbaar via alle online boekhandels, zoals Bol.com en Standaard Boekhandel, of gesigneerd bij de auteur, 20 euro (verzendkosten inbegrepen).

6.2.14

Affligem: Van de Hopduvel Bezeten!





Van de mare bereden worden, dat kent iedereen. Vandaar ook het woord ‘nachtmerrie’. Maar wist ge dat een mens ook ‘van de hopduvel bereden’ kan worden?
Als ge naar bed gaat met een schrik dat ge door iets of iemand wordt gevolgd, maar ge weet niet door wie of wat. En aan het voeteneind van uw bed ligt een dik zwart boek, open geslagen op twee witte bladzijden…
Maar dan bliksemt en dondert het en strijkt een windvlaag langs de bladzijden, en zie… het dikke zwarte boek blijft open liggen bij een vreemde toverspreuk…
En onwillekeurig prevelt ge het voor u uit:
Y’ai!
Ng’ngah Yog-Sothoth!
H’ee-l’ greb f’ai’ throdog!
u aah!
Ogthrod ai’f geb’lee’h Cthulhu!
‘n Gah’ng ai’Y Zhro!... Hopduvel!

En daar is al een gestalte in uw slaapkamer ver-schenen – zo lang en zo mager dat het alleen de Hopduvel kan zijn! Ge kruipt in bed, ge duikt onder uw dekens en verschuilt u onder uw kussen, maar hij grijpt u naar de keel en knijpt…
En gij, gij kunt niet meer roepen en ge moet alle moeite van de wereld doen om nog adem te halen. En ge voelt u zo moe als een hond. En ge zweet u kapot.
Hij voedt zich met uw adem, de Hopduvel. Hij slurpt uw levenskrachten op, als een vampier het bloed. En als ge buiten gaat, ziet ge hem over de velden lopen… Dààr! Of dààr! Of dààr!
Hij heeft zich nu vermomd als een grote vogel, op zo van die hoge poten. En hij komt weer achter u aan en ge slaat op de vlucht, maar het is alsof ge gewichten aan uw benen hebt.
En ge kruipt weer in bed, en ge duikt onder de dekens, ge schuilt onder uw kussen. En iemand klopt op het rolluik… twee, drie keren… en ge duikt nog dieper weg. En ge hoort de trappen kraken, en ge weet dat hij al in huis is – de Hopduvel…. En ge wilt opstaan en weglopen, maar ge kunt het niet. En ‘s anderendaags zijt ge zo moe… Zo moe.
Er zijn er die hem Kludde noemen, maar bij ons hebben ze het ook over Kledden. Ooit zouden de paters van Affligem erin geslaagd zijn de Hopduvel te vangen en aan de ketting te leggen, vraag mij niet hoe. Tot hij er toch weer in slaagde te ontsnappen, om het eenzame wandelaars behoorlijk lastig te maken.
Dan springt hij bijvoorbeeld op uw rug en dan moet ge hem dragen, zo ver en zo lang hij dat wil. En hoe hard ge ook springt, hij zal rustig blijven zitten en zijn greep maar lossen als de morgend al in de lucht komt…


Hij kan geen kerkhof betreden, de Hopduvel. Omdat de grond daar al te zeer gewijd is. Maar dan blijft hij wel geduldig wachten tot een of andere sukkel het kerkhof verlaat, om zijn pesterijen bot te vieren.
En zei ik al dat hij verschillende gedaantes kan aannemen? Die van een wezel, een wolf, een wit konijntje, een lief poesje? Zelfs vermomt hij zich al eens als een boom!

Hij jaagt bij voorkeur op nachtbrakers en drinke-broers, en als gij geen van beide zijt, moet ge er maar eens over spreken met uw dokter. Misschien zal die u dan vragen of ge gelovig zijt en naar de kerk gaat.  En als ge dan het hoofd schudt, zal hij u heel misschien, zoals in vroeger tijden, een goede raad geven: ‘Mocht ik van u zijn, ik zou toch eens naar Affligem gaan, en de Vloek van de Hopduvel laten aflezen…’